Wat is een obligatie en hoe werkt het?
Een obligatie is een schuldbewijs dat een emittent (bijvoorbeeld een overheid, bedrijf of instelling) uitgeeft om geld te lenen van beleggers. In ruil daarvoor betaalt de emittent een periodieke rente (de coupon) en het kapitaal terug op de vervaldag.
Terminologie
In dit artikel wordt vakspecifieke terminologie gebruikt, vandaar dat we dit even oplijsten:
- Pari (of pariwaarde)
- Definitie: Pari betekent dat een obligatie wordt verhandeld tegen haar nominale waarde (de waarde die de uitgever belooft terug te betalen bij de vervaldag, meestal €1.000 per obligatie).
- Onder pari: De obligatie wordt verhandeld tegen een prijs lager dan de nominale waarde (bv. €950).
- Boven pari: De obligatie wordt verhandeld tegen een prijs hoger dan de nominale waarde (bv. €1.050).
- Roerende voorheffing (RV).
- Definitie: Een belasting op de inkomsten uit roerende goederen, zoals rente van obligaties en dividenden van aandelen. Hier komt de meerwaardebelasting niet bovenop.
- Tarief in België: 30%.
- Toepassing:
- Enkel op couponbetalingen bij obligaties.
- Meerwaarden op obligaties (zoals winst bij verkoop of bij vervaldag) zijn vrijgesteld van roerende voorheffing.
- Coupon
- Definitie: De jaarlijkse of periodieke rente die de uitgever van de obligatie betaalt aan de houder.
- Kenmerken:
- Meestal een percentage van de nominale waarde (bv. 3% van €1.000 = €30 per jaar).
- Kan vast (fixed coupon) of variabel (floating rate) zijn.
- Onderhevig aan roerende voorheffing.
- Zero-coupon obligatie (zero bond)
- Definitie: Een obligatie zonder periodieke couponbetalingen. De winst voor de houder komt uit het verschil tussen de aankoopprijs (onder pari) en de nominale waarde bij terugbetaling.
- Kenmerken:
- Geen roerende voorheffing, omdat er geen coupons zijn.
- Vaak uitgegeven aan een sterke korting (bv. €800 voor een obligatie met een nominale waarde van €1.000).
- Populair voor wie belasting efficiëntie zoekt. Echter geldt hier nu ook meerwaardebelasting op!
- Nominale waarde
- Definitie: Het bedrag dat de uitgever van een obligatie belooft terug te betalen aan het einde van de looptijd (meestal €1.000 per obligatie).
- Dit bedrag is onafhankelijk van de koers van de obligatie op de secundaire markt.
- Secundaire markt
- Definitie: De markt waar bestaande obligaties worden verhandeld tussen beleggers.
- Kenmerken:
- Prijzen fluctueren door veranderingen in rentevoeten, kredietwaardigheid van de uitgever en marktsentiment.
- Obligaties kunnen hier onder of boven pari worden gekocht of verkocht.
- Yield (rendement)
- Definitie: Het effectieve rendement van een obligatie, dat rekening houdt met de aankoopprijs, couponbetalingen en eventuele meerwaarde bij vervaldag.
- Types:
- Current yield: De jaarlijkse coupon gedeeld door de huidige koers van de obligatie.
- Yield-to-Maturity (YTM): Het totale rendement als je de obligatie tot vervaldag aanhoudt, inclusief coupons en meerwaarde.
- Achterstallige rente (accrued interest)
- Definitie: De rente die een obligatie heeft opgebouwd sinds de laatste couponbetaling, maar die nog niet is betaald aan de houder.
- Toepassing bij verkoop:
De koper betaalt de verkoper deze achterstallige rente, maar krijgt deze terug bij de eerstvolgende couponbetaling.
- Looptijd (maturity)
- Definitie: De periode vanaf de uitgifte van de obligatie tot de datum waarop de nominale waarde wordt terugbetaald.
- Obligaties kunnen korte (<3 jaar), middellange (3-10 jaar) of lange looptijden (>10 jaar) hebben.
- Emittent
- Definitie: De uitgever van een obligatie, zoals een overheid, een bedrijf, of een internationale instelling.
- Kredietwaardigheid: Wordt beoordeeld door ratingbureaus (bv. AAA, BBB). Een lagere rating betekent een hoger risico en vaak een hogere coupon.
- Valutarisico
- Definitie: Het risico dat schommelingen in wisselkoersen de waarde van je belegging beïnvloeden.
- Toepassing:
- Enkel van toepassing op obligaties uitgegeven in een andere munt dan de euro (bv. USD, GBP).
- Een zwakkere vreemde munt vermindert de waarde van je opbrengsten in euro.
Obligaties die onder of boven pari worden verhandeld
Bij de terminologie hebben we het al over “pari” gehad. Obligaties kunnen onder of boven pari gekocht worden. Dit is heel belangrijk om in het achterhoofd te houden wanneer je een obligatie aakoopt.
- Onder pari: De obligatie wordt verhandeld tegen een lagere prijs dan de nominale waarde (bijvoorbeeld €950 voor een obligatie met een nominale waarde van €1.000). Dit kan gebeuren als de marktrente hoger is dan de couponrente van de obligatie.
- Boven pari: De obligatie wordt verhandeld tegen een hogere prijs dan de nominale waarde (bijvoorbeeld €1.050 voor een obligatie met een nominale waarde van €1.000). Dit gebeurt vaak als de marktrente lager is dan de couponrente.
Waarop letten?
- De effectieve rente (yield) is belangrijker dan de nominale coupon.
- Bij een aankoop boven pari kan je verlies lijden, aangezien je de nominale waarde terugkrijgt bij de vervaldag.
Belastingen op obligaties in België
Binnenkort is er een meerwaardebelasting actief in België. De winst die je op een obligatie creëert buiten de coupon, is hieraan onderhevig. Afhankelijk hoeveel meerwaarde je gecreëerd hebt (minder of meer dan 10.000 EUR) zal je een meerwaardebelasting van 10% moeten betalen. Uiteraard moet je roerende voorheffing betalen op de ontvangen coupons, wat in België 30% is.
Een van de populaire manieren om rond deze roerende voorheffing te werken, is door zero-coupon obligaties aan te kopen. In dat geval geldt enkel je meerwaarde